in

Jan Rot sneller achteruit dan gevreesd: nog maar paar weken te leven

Zanger en cabaretier Jan Rot (64) heeft nog maar korte tijd te leven, zo laat hij woensdag weten op Facebook. “Na een nieuwe scan is als een mokerslag aangekomen dat ik niet nog – zoals verwacht – een paar maanden, maar eerder een paar weken te leven heb.”

Rot kondigde eerder aan dat hij, ondanks dat hij voor darmkanker wordt behandeld, weer het podium op zou gaan. Maar na de laatste scan ziet het er slechter uit dan gevreesd. “Mijn conditie holt achteruit. Daarmee zijn alle plannen van de baan”, schrijft de artiest. Dat bekent dat ook zijn afscheidsfeest in de Nieuwe Luxor in Rotterdam eind april niet door zal gaan.

Lees ook  Haagse vrouw (32) raakt al haar spaargeld kwijt door online oplichting

De zanger deelt de set zoals die eruit zou gaan zien op het afscheidsfeest. “Als herinnering aan een topavond die er dus niet van zal komen”, aldus Jan. Hij dankt iedereen voor “alle warmte, steun en applaus”. “Ik hoop er met mijn gezin nog een bijzondere tijd van te maken”, zegt Rot tot slot. “Ik ben nog niet weg hier, maar zeg het alvast: het was een prachtig leven.”

Musicals en De slimste mens
Rot is al decennia zanger, schrijver en cabaretier. Bij het grote publiek werd de artiest vooral bekend door grote musicals als als Hello, Dolly! en Jersey Boys, waar hij de teksten voor vertaalde. Ook schreef hij teksten van de Nederlandse versie van rockopera Tommy van The Who.

Lees ook  Met balken doorboorde auto werd gestolen bij bso, hoe gewond is de gespietste bestuurder?

In april vorig jaar werd bekend dat Rot ernstig ziek was, een paar maanden later werd duidelijk dat de darmkanker uitgezaaid was. Hij deed in 2012 mee aan tv-quiz De slimste mens, waarin hij in de finale verloor van Arjen Lubach. Begin dit jaar mocht de zieke zanger bij hoge uitzondering nog een keer meedoen, als zijn laatste wens.

Man (80) randt meisje aan tijdens vervoer naar buitenschoolse opvang

Jaimie Vaes doet aangifte tegen Lil Kleine: ‘Niet te bevatten dat iemand je zoveel pijn kan doen’